Flexibilisering maakt het aantrekkelijker om leraar te worden, te zijn en te blijven


Meer leraren! Een dringende vraag vanuit de arbeidsmarkt. Vanuit deze vraag is in oktober 2020 het Bestuursakkoord Flexibilisering Lerarenopleidingen gesloten tussen het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, Vereniging Hogescholen en de Universiteiten van Nederland. Met dit akkoord versterken de lerarenopleidingen de reeds ingezette flexibiliseringsslag en moet het nog aantrekkelijker worden om leraar te worden. Lerarenopleidingen van de hogescholen werken onder de naam Leraren voor morgen aan de uitvoering van het bestuursakkoord. Wat is nu de stand van zaken?

Meer leraren door flexibilisering

Flexibilisering maakt het aantrekkelijker om leraar te worden, te zijn en te blijven. Door aan te sluiten op de kennis, ervaring en persoonlijke situatie, wordt recht gedaan aan de individuele leerbehoefte. Zo kunnen meer potentiële leraren worden geënthousiasmeerd en kan studie-uitval worden voorkomen.

Werkgroepen aan de slag

Collega's van de lerarenopleidingen werken in landelijke werkgroepen met veel energie samen aan de uitvoering van de afspraken uit het bestuursakkoord. Kennis en opbrengsten worden vanuit deze werkgroepen de komende tijd nog breder uitgewerkt samen met het werkveld. Ook hebben deze werkgroepen als doel gesteld om samen met de nieuw te vormen Onderwijsregio’s te onderzoeken hoe deze kunnen worden ingezet om het beroep van leraar aantrekkelijker te maken en daarbij het werkplekleren (Samen Opleiden) een extra boost te geven.

Maatwerk

Om het onderwijs meer op maat van de student in te richten, zijn door de werkgroepen zorgvuldige intakeprocedures geformuleerd met landelijke erkenning van eerder verworven competenties en afspraken over het vrijstellingenbeleid. Het werken met leeruitkomsten en leerwegonafhankelijk toetsen zorgen ervoor dat voor student en werkgever een duidelijker beeld ontstaat van het te volgen opleidingstraject. Voor elke student blijven daarbij, ondanks de persoonlijke leerweg, de wettelijke eindkwalificaties onverkort van kracht.

Regionale samenwerking

Om meer leraren op te leiden en te professionaliseren is niet alleen meer maatwerk nodig, maar ook een sterkere regionale samenwerking. Veel ervaring is opgedaan en met elkaar gedeeld tussen de werkgroepen van het bestuursakkoord. Ook ontstaat er een steeds betere aansluiting met de universitaire lerarenopleidingen. Door harmonisatie van de vele routes naar het leraarschap krijgen potentiële leraren meer duidelijkheid over de mogelijke leerroutes en hoe deze zich verhouden tot een tweede of andere bevoegdheid. Dat helpt regionale onderwijsloketten om belangstellenden voor het leraarsberoep beter te informeren en daarmee de toegankelijkheid van de opleidingen te vergroten.

Wanneer is de flexibilisering een feit?

Het bestuursakkoord had oorspronkelijk een looptijd tot en met het eind van dit kalenderjaar, maar mede door corona en vertraging in de wetgeving is dit met een jaar verlengd tot 1 januari 2025. Deze verlenging is ook belangrijk om de wettelijke randvoorwaarden te realiseren die van belang zijn voor de doelen uit het bestuursakkoord. Daarbij gaat het om de wettelijke verankering van de Wet Leeruitkomsten hoger onderwijs en verdere besluitvorming over de toekomst van Zij-instroom in het beroep. Bij de Zij-instroom gaat het dan over de vraag of de bestaande routes zullen worden geoptimaliseerd, of zullen worden ondergebracht in het formele opleidingsstelsel. Besluitvorming hierover wordt in de komende maanden verwacht.

Met alles wat nu wordt ontwikkeld, zal gerichte professionalisering van alle betrokkenen, en met name lerarenopleiders en schoolopleiders, worden ingezet om ervoor te zorgen dat opleiders weten wat van hen wordt verwacht en dat ze zijn toegerust voor nieuwe taken en rollen.

Wil je op de hoogte blijven? Schrijf je in voor de nieuwsbrief van Leraren voor Morgen.

Naar de website van Leraren voor morgen